Eens in de zoveel tijd zit er iemand tegenover me die wil weten wie hij nou echt is. Verstopt, onder alles wat hij doet. De ondernemer, de vader, de partner, de collega die altijd klaarstaat. Ik hoor het van klanten, van cursisten, en af en toe van collega-trainers die beter zouden moeten weten.
Het verhaal gaat min of meer hetzelfde. Je bent je rollen niet. Die ondernemer, die ouder, die partner, dat zijn jasjes die je aantrekt. En daaronder zit de echte jij. Je ware zelf. Soms krijgt dat een mooiere naam, je innerlijke kind of je hogere zelf, en dan is het helemaal compleet.
Ik snap de aantrekkingskracht. Het belooft je dat er iets heels in je zit dat alleen nog even bevrijd moet worden. Dat het ook uitstekend verkoopt, moet ik er eerlijk bij zeggen.
Probeer het alleen eens echt te vinden.
Het experiment
Haal de ondernemer weg. Haal de vader weg, de partner, de vriend, de man die ’s ochtends de hond uitlaat, degene die ooit een keuze maakte die hij nog met zich meedraagt. Haal alles weg wat je doet, ooit hebt gedaan, en met wie je het deed.
Wat je dan overhoudt, is niets dat je kunt aanwijzen. Er zit geen kern onder die al die tijd zat te wachten op een rustiger moment om zich te laten zien.
Die kern is een soort spaarpot waar je alles instopt wat je liever niet onderzoekt. Het klinkt diep, om te zeggen dat je zoekt naar wie je echt bent. In de praktijk levert het niets op, want er valt niets te vinden. Je graaft naar een schat die er niet ligt.
Wie kijkt er dan?
Hier komt de tegenwerping die ik al ken voor hij uitgesproken is. Er is toch iets dat al die rollen waarneemt? Iemand die merkt dat hij ondernemer is, vader, partner. Dat moet de echte ik zijn, die erbij staat terwijl de rollen hun werk doen.
Het voelt ook zo, dat geef ik je meteen.
Stel je voor dat je die persoon probeert te pakken te krijgen. Wie kiest zijn rollen? En wie zit er dan weer achter hém om die keuzes te maken? Je kunt dat blijven herhalen tot je een hele rij poppetjes hebt, elk verstopt achter de vorige, en geen van allen die ooit de echte blijkt te zijn.
Op een gegeven moment moet je toegeven dat er niemand thuis is achter dat laatste gordijn.
Dat waarnemen, dat meekijken met jezelf, is ook gewoon iets wat je doet. Reflecteren is een activiteit, net als koken of vergaderen. Er zit niets achter.
De rollen kwamen eerst
Je bent jezelf gaan kennen door zoon te zijn. Door vriend te zijn, leerling, collega, geliefde. Er was nooit een kant-en-klare jij die op een dag besloot om die rollen aan te nemen. De rollen waren er eerst en jij bent eruit gegroeid.
In NLP hebben we daar een bekend rijtje voor: de logische niveaus. Gedrag, vaardigheden, overtuigingen, en daarboven identiteit, ook wel: wie ben ik. Het rijtje suggereert dat identiteit het hoogste niveau is, ergens los van de rest, bijna heilig. In de praktijk is dat identiteitsniveau een samenvatting van alles wat je daaronder al jaren doet.
Je doet iets lang genoeg en op een dag zeg je: zo ben ik. De identiteit komt achteraf. Hij vat samen wat je al die tijd al deed, en gaat zich dan gedragen alsof hij er altijd al was.
Misschien is “wie ben ik” al de verkeerde vorm van de vraag. Het is iets wat je doet, telkens opnieuw, in elke rol. De manier waarop je tussen al die rollen beweegt, wat steeds terugkomt, hoe je kiest als het erop aankomt. Dat patroon, dat ben jij. En dat patroon laat zich alleen in de rollen zelf zien.
Waarom we toch blijven graven
Er zit een addertje onder die zoektocht naar de kern. “Dit ben ik nou eenmaal” is een prettige manier om jezelf niet te hoeven veranderen. Als wie je bent een vaststaand iets is, diep vanbinnen, dan kun je er weinig aan doen.
Je kent vast de manager die na een rotstreek zegt: zo ben ik eigenlijk niet, dat was de druk. Of de partner die uit de bocht vliegt en het wegzet als een slechte dag, niet de echte hem. Je kunt je voorstellen hoe goed dat af en toe uitkomt.
Wat je er dan mee kunt
Dit wordt pas concreet als je iets wilt veranderen. Want als wie je bent voortkomt uit wat je doet, werkt de volgorde die de meeste mensen aanhouden verkeerd om.
Ze wachten tot ze zich anders voelen voor ze anders gaan doen. Eerst de knop vanbinnen, dan het gedrag. In de praktijk zit het de andere kant op.
Je begint met vroeg opstaan, doet het lang genoeg, en op een gegeven moment ben je een vroege vogel geworden. De herhaling deed het werk. Je identiteit liep er gewoon achteraan.
Dat maakt verandering een stuk concreter. Je hoeft geen ware zelf op te graven voor je je leven op orde krijgt. Je verandert wat je doet, in welke rol dan ook, en wie je bent schuift vanzelf mee.
Daarom stel ik liever een andere vraag dan wie ik echt ben. Welke versie van mij wil ik in deze kamer? Wat doe ik in bijna al mijn rollen hetzelfde, en helpt me dat nog? Als mijn rollen samen zijn wie ik ben, aan welke rollen wil ik dan mijn tijd besteden?
Dat zijn vragen waar je iets mee kunt, want ze gaan over wat je doet. En wat je doet, kun je morgen anders doen.
Je bent alles wat je doet, bij elkaar opgeteld, plus de manier waarop je het doet. Er hoeft niets meer onder te liggen.
Welke versie van jou liep er vanochtend de deur uit?
Wil je leren hoe identiteit en gedrag op elkaar ingrijpen?
Wil je leren hoe identiteit, overtuigingen en gedrag écht op elkaar ingrijpen? In de NLP Practitioner opleiding werken we uitgebreid met de Logische Niveaus van Bateson, zodat je leert veranderen waar het werkt: in wat je doet. Bekijk de opleiding en ontdek of het iets voor jou is.
Veelgestelde vragen
De logische niveaus van Bateson beschrijven verschillende lagen waarop mensen functioneren: omgeving, gedrag, vaardigheden, overtuigingen, identiteit en zingeving. In NLP gebruik je dit model om te begrijpen waar een patroon of probleem vandaan komt en op welk niveau je het het effectiefst kunt aanpakken. Verandering op een hoger niveau heeft meer impact dan verandering op een lager niveau.
Gedrag is wat je doet. Identiteit is het verhaal dat je over jezelf vertelt op basis van wat je al lang doet. In NLP zien we identiteit als een samenvatting van gedrag, overtuigingen en vaardigheden, niet als een vaststaand iets dat los van je handelen bestaat. Dat betekent dat identiteit veranderbaar is, namelijk door te veranderen wat je doet.
Door anders te handelen, consequent en lang genoeg. Overtuigingen over jezelf zijn grotendeels gebaseerd op herhaalde ervaringen. Als je nieuw gedrag lang genoeg volhoudt, past de overtuiging zich vanzelf aan. NLP biedt ook directe technieken om beperkende overtuigingen te onderzoeken en te herstructureren, zoals het werken met submodaliteiten of de overtuigingsveranderingstechniek.
Omdat er onder je rollen geen vaststaande kern zit die los van je gedrag bestaat. Wie je bent, is het patroon dat zichtbaar wordt in alles wat je doet. Zoeken naar een diepere, onveranderlijke kern leidt vaak tot uitstel van verandering, want als wie je bent vastligt, hoef je er weinig aan te doen. De vraag ‘welke versie van mij wil ik zijn’ is productiever dan ‘wie ben ik echt’.
In de NLP Practitioner opleiding werk je uitgebreid met de logische niveaus van Bateson. Je leert hoe identiteit, overtuigingen en gedrag op elkaar ingrijpen, en welke technieken je kunt inzetten om op elk niveau effectief te veranderen. Dat geeft je een concreet kader om zowel je eigen patronen als die van anderen te begrijpen en bij te sturen.





