Waarom de formule stroef klinkt
Iedereen die ooit een communicatietraining heeft gevolgd, kent de zin. "Ik voel me genegeerd wanneer jij tijdens het overleg op je telefoon kijkt en ik zou graag willen dat je dat niet doet."
Er klopt inhoudelijk niets aan die zin en toch werkt hij zelden. Het probleem zit in de vorm. Hij is te compleet, te symmetrisch en te lang en daardoor hoort de ander vooral dat je iets hebt voorbereid. Op het moment dat iemand merkt dat je een techniek gebruikt, gaat het gesprek over de techniek.
Er zit nog iets in. De formule zet het woord "jij" precies in het midden van een zin die "ik" heet. "Wanneer jij op je telefoon kijkt" is een jij-boodschap met een aanloopje ervoor. De ander hoort dat scherp, ook al klopt het volgens de theorie.
Wat een ik-boodschap eigenlijk doet
Onder de formule zit een eenvoudig idee. Je vertelt de ander wat er aan jouw kant gebeurt en je laat aan hem over wat hij daarmee doet. Meer is het niet.
Dat werkt om een reden die weinig met techniek te maken heeft: over jouw kant valt niet te discussiëren. Als je zegt dat iemand onbeleefd is, kan hij dat bestrijden. Als je zegt dat je je afvraagt of hij nog meeluistert, kan hij dat niet bestrijden, want hij weet niet wat jij je afvraagt.
De drie onderdelen zijn: wat je waarneemt, wat het bij jou doet en wat je wilt. Wie ze alle drie in gewone woorden zegt, heeft een ik-boodschap gegeven zonder dat iemand het merkt. En dat laatste is het hele punt.
Hoe dat klinkt in een echt gesprek
Twee versies van hetzelfde moment. Een overleg met vier mensen, jouw punt staat op tafel en je leidinggevende zit op zijn telefoon.
De formule:
"Ik voel me niet gehoord wanneer jij tijdens mijn presentatie op je telefoon kijkt en ik zou graag willen dat je aandacht hebt voor wat ik zeg." "Sorry, ik moest even iets doorgeven. Ga verder."
Je hebt gelijk gekregen en je hebt niets bereikt. Het gesprek gaat nu over of zijn telefoongebruik gerechtvaardigd was en jij hebt de rol gekregen van degene die er iets van zei.
In gewone woorden:
"Ik zie je op je telefoon en dan weet ik even niet of ik door moet gaan." "O ja, sorry. Ik luister, ga door."
Dezelfde drie onderdelen zitten erin. Wat je waarneemt is "ik zie je op je telefoon". Wat het bij jou doet is "dan weet ik even niet of ik door moet gaan". Wat je wilt zit er impliciet in en dat is genoeg, want de ander vult het zelf in.
De tweede versie is korter, hij bevat geen verwijt en hij vraagt niets. En hij levert wel op wat je wilde.
Waarom je in het moment zelf terugvalt op de formule
Omdat je hem hebt geleerd als recept en recepten komen boven zodra de spanning stijgt.
Er zit ook iets anders onder. De formule voelt veilig, want je kunt achteraf zeggen dat je het netjes hebt gebracht. Wie zich onzeker voelt over zijn recht om iets te zeggen, grijpt naar een vorm die gedekt is. Dat is begrijpelijk en het is precies de reden dat het stroef klinkt: je bent bezig met je eigen positie in plaats van met de ander.
Daaronder ligt vaak een overtuiging over hoe je iets mag zeggen. Iets in de trant van: ik mag hier alleen iets van zeggen als ik het perfect formuleer. Zolang die draait, blijf je zinnen bouwen in plaats van praten.
Wat je eraan kunt doen
Laat de volgorde los en houd de drie onderdelen vast. Zeg wat je ziet in de woorden die je thuis ook zou gebruiken, plak er geen "ik voel me" voor als je dat normaal niet zegt en maak je zin korter dan je van plan was.
Drie zinnen die het werk doen zonder dat iemand een cursus hoort:
- "Ik zie je op je telefoon en dan weet ik even niet of ik door moet gaan."
- "Ik merk dat ik hier steeds op terugkom, dus het zit me blijkbaar dwars."
- "Ik raak de draad kwijt als we door elkaar praten."
Wat ze gemeen hebben: ze beginnen bij jou, ze bevatten geen oordeel over de ander en ze eindigen zonder vraag. Die laatste is de moeilijkste, want de neiging om er "vind je het goed als" achteraan te plakken is groot.
Oefen het eerst op iets kleins. Een ik-boodschap over een telefoon in een overleg is makkelijker dan een ik-boodschap over iets wat al maanden speelt en wie hem op het kleine heeft geoefend, heeft hem beschikbaar op het grote.
Veelgestelde vragen
Wat is een ik-boodschap?
Een ik-boodschap vertelt wat jij waarneemt, wat het bij jou doet en wat je wilt, zonder de ander een verwijt te maken. Het werkt omdat over jouw kant van het verhaal niet te discussiëren valt.
Waarom klinkt de standaardformule zo houterig?
Omdat niemand zo praat. De zin is te lang en te symmetrisch en zodra de ander merkt dat je een techniek gebruikt, gaat het gesprek over de techniek.
Moet ik het woord gevoel gebruiken?
Nee. "Dan weet ik even niet of ik door moet gaan" doet hetzelfde werk als "ik voel me genegeerd" en het klinkt als iets wat je werkelijk zou zeggen.
Wat is het verschil met een jij-boodschap?
Een jij-boodschap beschrijft de ander en nodigt uit tot verdediging. Een ik-boodschap beschrijft jouw kant en laat aan de ander over wat hij ermee doet.
Werkt dit ook bij iemand die niet meewerkt?
Minder goed en het maakt wel verschil wat er daarna gebeurt. Je hebt je punt gemaakt zonder aanleiding te geven voor een discussie over je toon en dat scheelt in het vervolg.
Een verwant patroon zie je bij er geen vraag van maken.
Lees ook hoe de woorden kloppen en de toon niet in een gesprek zichtbaar wordt.
Bij zeggen dat iets je raakt merk je hoe snel gedrag een vaste gewoonte kan worden.
Zelf oefenen
Vijf dagen, elke ochtend één mail
Een gratis cursus over assertiviteit. Elke dag één ding om uit te proberen, in vijf tot tien minuten. Je leert waar je patroon vandaan komt en wat je er morgen aan kunt doen.
Lees verder
- Zeggen dat iets je raakt
- Iets vragen zonder je te verontschuldigen
- Elke keer dat je iemand onderbreekt, verzwak je jullie verbinding
Waar sta je nu?
Wil je zien welke patronen bij jou een rol spelen? Bekijk waar je nu staat met Mind Metrics.