Wanneer hoor je hem?
Meestal na afloop en zelden ervoor.
Je hebt iets gezegd in een overleg en op de fiets naar huis begint het. Dat had je anders moeten brengen. Ze keken raar. Je had beter kunnen zwijgen.
Je hebt een grens gesteld en een uur later zegt hij dat je overdreef. Je hebt een mail verstuurd en hij leest hem met je mee terwijl je hem opnieuw opent.
Wat opvalt bij vrijwel iedereen die dit herkent, is dat de stem meedoet op precies de momenten waarop je iets voor jezelf hebt gedaan. Wie de hele dag meebeweegt, hoort hem zelden. Dat maakt hem tot een onderdeel van dit cluster, want hij is een van de redenen dat assertief gedrag na één keer weer inzakt.
Waar hij vandaan komt
Bijna niemand bedenkt zelf de zin dat hij het niet goed doet.
Als je goed luistert naar de stem, hoor je vaak een bepaalde toon. Bij veel mensen is die toon herkenbaar: een ouder, een leraar, een oude leidinggevende, iemand uit een groep waar je bij wilde horen. De woorden zijn misschien van jou en de manier van zeggen is overgenomen.
Dat gebeurt zonder dat je het merkt. Wie jarenlang op een bepaalde toon is aangesproken, leert die toon als de manier waarop over dit soort dingen wordt gesproken. Daarna spreek je zo tegen jezelf, ook als er allang niemand meer is die het doet.
Er zit ook hier een opbrengst aan. De stem probeert je te beschermen tegen afgang. Wie zichzelf van tevoren streng beoordeelt, is minder verrast als iemand anders het doet. Dat werkt en het kost je de momenten waarop je iets had willen zeggen.
De inhoud is niet het beginpunt
De meeste mensen gaan met de stem in discussie. Je probeert te bewijzen dat het wel goed ging, je zoekt tegenargumenten, je zegt tegen jezelf dat je niet zo moet denken.
Dat werkt zelden en de reden daarvoor is simpel: je bent gaan discussiëren met iets wat geen argument is. De stem is geen redenering en het is een gewoonte met een vorm. Aan die vorm kun je wel iets doen.
Binnen NLP heten die vormeigenschappen submodaliteiten. Bij een geluid zijn dat onder meer volume, toonhoogte, tempo, afstand en de plek waar je het hoort. Die eigenschappen bepalen voor een groot deel hoe zwaar iets aankomt, los van wat er wordt gezegd. Dezelfde zin, gefluisterd door iemand naast je oor of geroepen vanaf de overkant van een plein, doet iets heel anders.
De oefening
Neem een moment waarop de stem er duidelijk is. Doe dit een keer rustig, niet midden in een gesprek.
Stap 1. Luister naar de vorm en niet naar de woorden. Waar hoor je hem, links, rechts, binnen in je hoofd of van buitenaf? Hoe hard is hij? Snel of traag? Hoog of laag?
Stap 2. Vraag je af van wie die toon is. Bij veel mensen komt hier onmiddellijk iemand naar boven. Als er niemand komt, is dat ook goed en dan ga je gewoon door.
Stap 3. Verander één eigenschap. Zet het volume lager, alsof je aan een knop draait. Of schuif de stem verder weg, van vlak bij je oor naar de andere kant van de kamer. Of vertraag hem tot hij sleept.
Stap 4. Merk wat er met de lading gebeurt. Bij de meeste mensen zakt die meteen. De zin klopt nog steeds en hij weegt minder.
Stap 5. Als het weinig doet, verander een andere eigenschap. Voor de een is volume het sterkste, voor de ander afstand of tempo. Zoek de eigenschap die bij jou het meeste verschil maakt en onthoud welke dat is.
Sommige mensen geven de stem een ander stemgeluid, bijvoorbeeld dat van een striptekenfiguur. Dat werkt vaak snel en het heeft een nadeel: het maakt de stem belachelijk en daarmee ook het punt dat hij soms terecht maakt. Volume of afstand is meestal een betere ingang.
Wat je ermee opschiet
Het doel is niet dat de stem verdwijnt. Zelfkritiek heeft een functie en wie hem helemaal kwijtraakt, merkt dat op andere plekken.
Wat je wint is dat de stem geen doorslaggevende stem meer is. Hij zegt iets, je hoort het en het bepaalt niet meer of je morgen weer iets zegt in dat overleg. Dat is een bescheiden winst en het is precies de winst die je nodig hebt om assertief gedrag vol te houden.
Reken op herhaling. Eén keer de oefening doen geeft vaak meteen een verschil en dat verschil zakt weg. Wie hem een paar weken herhaalt bij dezelfde stem, merkt dat de vorm blijft hangen.
Veelgestelde vragen
Wat is de innerlijke criticus?
Het is de aangeleerde manier waarop je tegen jezelf praat wanneer je vindt dat je tekortschiet. Vaak is de toon overgenomen van iemand die vroeger zo tegen jou sprak.
Waarom hoor ik hem vooral na afloop?
Omdat hij aanslaat op momenten waarop je iets voor jezelf hebt gedaan. Wie de hele dag meebeweegt, hoort hem zelden en dat is precies waarom hij assertief gedrag afremt.
Helpt het om tegen de stem in te gaan?
Meestal niet. Je gaat dan discussiëren met iets wat geen argument is. Aan de vorm van de stem, zoals volume en afstand, valt wel iets te veranderen.
Wat zijn submodaliteiten?
Dat zijn de vormeigenschappen van wat je je voorstelt of hoort: bij geluid onder meer volume, toonhoogte, tempo en afstand. Ze bepalen voor een groot deel hoe zwaar iets aankomt.
Moet de stem helemaal weg?
Nee. Zelfkritiek heeft een functie. Het doel is dat hij meepraat zonder de doorslag te geven.
Een verwant patroon zie je bij waar dat oordeel vandaan komt.
Lees ook hoe Het gevoel niet goed genoeg te zijn in een gesprek zichtbaar wordt.
Bij Zelfkritiek heeft een functie merk je hoe snel gedrag een vaste gewoonte kan worden.
Zelf oefenen
Vijf dagen, elke ochtend één mail
Een gratis cursus over assertiviteit. Elke dag één ding om uit te proberen, in vijf tot tien minuten. Je leert waar je patroon vandaan komt en wat je er morgen aan kunt doen.
Lees verder
- Waar je zelfbeeld vandaan komt
- Zelfkritiek: streng zijn zonder streng te worden
- Het gevoel niet goed genoeg te zijn
Waar sta je nu?
Wil je zien welke patronen bij jou een rol spelen? Bekijk waar je nu staat met Mind Metrics.