Wat een zelfbeeld is
Je zelfbeeld is het geheel van dingen die je over jezelf voor waar houdt. Ik ben goed met mensen. Ik ben chaotisch. Ik kan niet tegen kritiek. Ik ben iemand die doorzet.
Die uitspraken voelen als feiten en ze zijn het niet. Het zijn conclusies en conclusies hebben een herkomst. Bij vrijwel elke uitspraak die je over jezelf doet, is er een moment aan te wijzen waarop je hem voor het eerst hebt getrokken.
Dat is de reden dat dit stuk in een cluster over assertiviteit staat. Wie vindt dat hij niets in te brengen heeft, gaat een gesprek anders in dan iemand die vindt dat zijn punt telt. Geen enkele formulering compenseert dat.
Hoe zo'n conclusie ontstaat
Het gaat vrijwel altijd volgens hetzelfde patroon.
Er gebeurt iets. Iemand die op dat moment gezag voor je heeft, reageert. Een ouder, een leraar, een groep leeftijdgenoten. Uit die reactie leid je iets af over jezelf en dat is de stap waar het misgaat. Uit "je bent hier te druk" wordt "ik ben te veel". Uit één spreekbeurt die vastliep wordt "ik kan niet presenteren".
Dat heet in NLP een generalisatie: van één ervaring maak je een regel. Dat is op zichzelf een nuttige eigenschap, want zonder generaliseren zou je elke dag opnieuw moeten uitzoeken hoe een deur werkt. Het wordt lastig zodra je hem toepast op wie je bent in plaats van op hoe iets werkt.
En dan komt het deel dat het in stand houdt. Een eenmaal getrokken conclusie stuurt je aandacht. Wie gelooft dat hij niet kan presenteren, herinnert zich vooral de keren dat het stroef ging en boekt de keren dat het goed ging weg als geluk of als een makkelijk publiek. Zo groeit het bewijs voor de conclusie mee terwijl de conclusie zelf nooit meer op tafel komt.
Vier vragen om je eigen conclusie terug te vinden
Neem één uitspraak die je over jezelf doet. Bij voorkeur een die je in een gesprek tegenhoudt, bijvoorbeeld dat je niet goed bent in confrontaties.
Wanneer heb je dit voor het eerst gedacht? Zoek naar een moment en niet naar een periode. De meeste mensen komen bij een concrete gebeurtenis uit, vaak eerder dan ze verwachten.
Wie was erbij en wat zei die? Hier komt bijna altijd één persoon naar boven. De vraag die daarop volgt is of je die persoon vandaag als deskundig zou aanmerken op dit punt.
Hoe oud was je? Dit is de vraag die het meest doet. Een conclusie die je op je elfde hebt getrokken over hoe je in elkaar zit, is getrokken met de middelen van een elfjarige. Je hebt hem sindsdien meegedragen zonder hem ooit te herzien.
Wat zou er nodig zijn om hem te weerleggen? Als het antwoord is dat niets hem zou weerleggen, dan is het eerder een overtuiging dan een conclusie. Dat is bruikbare informatie, want overtuigingen werk je anders aan dan meningen.
Wie deze vier vragen bij drie of vier uitspraken doorloopt, ziet vaak dat ze naar dezelfde periode of dezelfde persoon wijzen. Dat maakt het geheel overzichtelijker dan het voelde.
Wat je eraan kunt doen
Breng de uitspraak terug naar de situatie. "Ik kan niet presenteren" wordt "die spreekbeurt in de derde klas liep vast". Dat is dezelfde gebeurtenis en het is een veel kleinere uitspraak en kleinere uitspraken laten ruimte voor uitzonderingen.
Verzamel daarna tegenbewijs en wees daarin streng op de feiten. Noteer drie momenten waarop het tegendeel gebeurde. Kies drie momenten waarin het aantoonbaar anders ging dan je conclusie voorspelt. Wie dat lijstje een maand bijhoudt, merkt dat het langer wordt dan verwacht.
Verwacht geen omslag. Een zelfbeeld verandert zoals een oordeel over een stad verandert: langzaam, door er vaak genoeg te zijn geweest en te merken dat het anders is dan je dacht.
En houd één ding in de gaten. Sommige uitspraken over jezelf kloppen gewoon. Wie werkelijk chaotisch is, wordt daar niet minder chaotisch van door het te betwijfelen. Het doel is dat je conclusie klopt bij de werkelijkheid en dat betekent soms dat je hem laat staan en er iets omheen organiseert.
Veelgestelde vragen
Wat is een zelfbeeld?
Je zelfbeeld is het geheel van conclusies die je over jezelf voor waar houdt. Ze voelen als feiten en ze zijn ooit getrokken op basis van een beperkt aantal gebeurtenissen.
Waar komt een negatief zelfbeeld vandaan?
Meestal uit een reactie van iemand die op dat moment gezag voor je had, waar je iets over jezelf uit hebt afgeleid. Daarna stuurt die conclusie je aandacht, zodat het bewijs ervoor blijft groeien.
Kun je je zelfbeeld veranderen?
Ja en niet met één inzicht. Het verandert door de uitspraak terug te brengen tot de situatie waarin hij ontstond en daarna consequent tegenbewijs te verzamelen.
Wat is het verschil tussen zelfbeeld en zelfvertrouwen?
Je zelfbeeld gaat over wie je denkt te zijn. Zelfvertrouwen gaat over wat je denkt aan te kunnen. Ze hangen samen en ze zijn niet hetzelfde.
Wat als mijn conclusie over mezelf gewoon klopt?
Dan laat je hem staan en organiseer je er iets omheen. Het doel is dat je beeld klopt bij de werkelijkheid en niet dat het positief is.
Een verwant patroon zie je bij de stem die zegt dat je het niet goed doet.
Lees ook hoe boekt de keren dat het goed ging weg in een gesprek zichtbaar wordt.
Bij niet goed genoeg merk je hoe snel gedrag een vaste gewoonte kan worden.
Een verwant patroon zie je bij er iets omheen organiseren.
Zelf oefenen
Vijf dagen, elke ochtend één mail
Een gratis cursus over assertiviteit. Elke dag één ding om uit te proberen, in vijf tot tien minuten. Je leert waar je patroon vandaan komt en wat je er morgen aan kunt doen.
Lees verder
- De stem die zegt dat je het niet goed doet
- Het gevoel niet goed genoeg te zijn
- Jezelf vergelijken met anderen
Waar sta je nu?
Wil je zien welke patronen bij jou een rol spelen? Bekijk waar je nu staat met Mind Metrics.